Kwaadschiks

Een boek van A. F. Th. van der Heijden 

Wanneer ik een weekje thuis ben om te recupereren van mijn onder algemene verdoving verwijderde wijsheidstanden (4!), belt mijn beste maatje vanuit de FNAC welk boek ik graag wil… Ik denk in eerste instantie aan een kookboek, typisch Elise. Daarna zeg ik dat alles recents van een degelijke Vlaamse of Nederlandse schrijver kan. En liefst ook geen te dik ding, de ideale omvang van een boek ligt voor mij tussen 250 en 300 pagina’s. Dat laatste had hij blijkbaar niet zo goed begrepen, want een paar uur later staat hij voor de deur met Kwaadschiks van A. F. Th. van der Heijden – een klepper van maar liefst 1280 bladzijden. Volgens mij meteen mijn meest volumineuze boek ever… Hilarisch wel! Gelukkig bracht hij ook Greens that taste like friendship van Seppe Nobels mee.

Maar goed, ik zet me er aan… Zo ben ik dan weer wel. Want A. F. Th. van der Heijden is uiteraard een uitstekende schrijver; hij kon mij in het verleden al raken met de requiemroman voor zijn zoon Tonio en ik hoop dat hij met dit boek hetzelfde presteert.

Uiteindelijk doe ik er twee en een halve maand over om de slotzin van Kwaadschiks te bereiken. Ik ploeg erdoor. Daarmee wil ik helemaal niet zeggen dat het boek mij niet bevalt, alleen moet ik mij mentaal over de omvang en het gewicht zetten.

Meer zelfs, ik hou van het verhaal. De auteur slaagt er in om de gebeurtenissen van één dag ter verslaan op die meer dan duizend bladzijden – een beetje zoals in de serie 24 dus. Wel breit hij er een compacte pro- en epiloog aan waardoor je eigenlijk al van bij de start ongeveer weet waar hoofdpersonage Nico Dorlas zal eindigen, meer bepaald in de verhoorkamer van een politiekantoor in het gezelschap van zijn advocaat Ernst Quispel.

Ondanks dit gegeven blijft Kwaadschiks spannend en verrassend, maar dan op een tergend trage manier. A. F. Th. van der Heijden beheerst de kunst om langgerekt zonder echt te vervelen een dramatische dag te omschrijven. Diep vanbinnen weet je vaak al pagina’s lang wat er werkelijk gebeurd is, alleen blijf je mee malen in het hoofd van de verwerpelijke Dorlas. Deze man zou zijn leven op orde kunnen hebben als art director van reclamebureau Battjes & Partners, niets is echter minder waar: door zijn aderen stroomt alcohol in plaats van bloed, hij lijdt aan slaapapneu en ademt daarom ‘s nachts door een CPAP-toestel en hij knokt zijn vriendin Desy Harthoorn (en onrechtstreeks dus ook haar zoon Hemmo) op regelmatige basis naar een Blijf-Van-Mijn-Lijf-huis. Nico Dorlas is een monster, daar bestaat geen enkele twijfel over. En toch blijf je bladzijde na bladzijde geduldig ronddwalen in zijn verknipte geest… Gelukkig blijkt dat ook de geest van een copywriter en dat levert om de haverklap spitsvondige verwoordingen op. Straf wel, hoe van der Heijden uiterst secuur de gedachtengang van een psychopaat blooglegt!

Deze roman maakt deel uit van een groter geheel: het is het zesde deel van een cyclus genaamd De Tandeloze Tijd. Voor mij wel de eerste kennismaking met deze reeks die blijkbaar van start ging in mijn geboortejaar 1983.

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *