De koers is dood, leve de koers

Onderweg naar het werk deze morgen. E17-en met de autoradio op Studio Brussel. Tomas De Soete belt met ik-weet-niet-meer-wie over een ophefmakend gerucht in de wielerwereld. Profrenners zouden namelijk een motortje inbouwen in het frame van hun koersfiets. Een nieuw begrip ziet het levenslicht: mechanische doping. Tomas wist niet dat niemand enkele uren later nog zou wakker liggen van al dan niet gemotoriseerde fietsen. Omdat “doping – the original” weer op het voorplan zou treden. Want Floyd Landis schreef een mail…

Karl Vannieuwkerke (@Vannieuwkerke) twitterde “Floyd Landis stuurt mail”. Mijn nieuwsgierigheid werd in eerste instantie enkel geprikkeld omdat ik persoonlijk contact tussen wielrenners en commentatoren wel een sympathieke gedachte vind. Al snel werd echter duidelijk dat de mail niet in Karl’s Inbox zat, maar eerder als een boodschap van algemeen nut beschouwd moet worden. Een mail met als subject: “Ik, Floyd Landis, geef mijn jarenlang dopinggebruik toe.” Tu quoque, Floyd!

Source: The Wall Street Journal | Sports

Niet dat ik ooit een fan was van zijn persoon. Niet van Landis, wel van de koers. Ik hou zielsveel van de koers. De koers – een allesomvattend woord dat in ons landje met een sterke wielertraditie multi-inzetbaar is: als conversation starter op café, als perfect excuus om voor het avondaperitief al een biertje te nuttigen, als smoes om een zondagse verplichting te ontglippen, … De koers – een woord dat om zoveel meer draait dan enkel de renners: het omvat de kasseien, de nadars, de telkens massaal aanwezige supporters, de commentatoren, de volgwagens, … en bovenal een onbeschrijflijk “wij”-gevoel. Want ook al heeft iedereen doorgaans een idool, bottom line is de doorsnee supporter vooral tevreden als er een Belg wint.

Daarom krijg ik het warm en koud tegelijk als Floyd Landis een mail schrijft. Niet dat zijn bedrog mij persoonlijk raakt, wel omdat het weerom een serieuze opdoffer is voor de koers. Hier volgt geen pleidooi over hoe wielrenners, ploegleiders, pers en andere professioneel betrokkenen het verder moeten aanpakken. Ik vraag hen enkel om eens na te denken over waarom ze doen wat ze doen. Doen ze het uit liefde voor de sport? Ik hoop van wel… Daarom doe ik het als wielerfan in ieder geval ook.

Een reactie achterlaten

Je e-mailadres zal niet getoond worden. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *